Het oostelijke deel van het gebied was vroeger bedekt met veen. Het veen is vanaf circa 1250 tot 1750 afgegraven. Bij Bergen op Zoom is de vervening in gang gezet door het graven van de Grebbe (later Moervaart en thans Zoom geheten), om de oostelijk van de stad gelegen venen droog te leggen en de turf af te kunnen voeren. De vaart werd doorgetrokken naar Wouw en Huijbergen en tot op huidig Belgisch grondgebied. Ook Steenbergen en Roosendaal hadden turfhoofden. De turfwinning was zo uitputtend dat er nu in het landschap “geen moer meer te zien is”, op de vroegere moervaarten na.