De verschillen in kwaliteit tussen de zandgronden op het hoge deel en de kleigronden in de polders komt ook tot uiting in de bouw van de hoeves. De welvaart op de klei was vroeger beduidend hoger dan op het zand. In de polders en op de steilrand tref je vooral grote monumentale hoeves aan met vaak een vergezicht op het omringende land. Voorbeelden zijn de Berghoeve en Hoeve Calfven in Ossendrecht, hoeve Hildernisse in Woensdrecht en hoeves De Waterkant en ’t Slot in Lepelstraat. De boerderijen op de droge en onvruchtbare zandgronden waren laag en klein (keuterboeren) en vaak sliepen mens en dier onder één dak. Door de ontwikkelingen in de moderne landbouw zijn deze verschillen in welvaart en tussen hoeves op zand en klei verdwenen of zelfs omgekeerd. Moderne boerderijen zijn op efficiency gericht en hebben weinig binding met het oorspronkelijke cultuurlandschap. De aanplant van groen rond het agrarisch bedrijf is een optie om de visuele aantasting van het landschap te voorkomen.

Stichting de Brabantse Boerderij